U bent hier

Sectoren/werkvelden

Eerstelijnszorg

Binnen de eerstelijnszorg ben je vaak het eerste aanspreekpunt voor mensen met lichamelijke of geestelijke klachten. Eerstelijnszorg is zorg waar mensen zonder verwijzing naartoe kunnen, dichtbij huis, bijvoorbeeld de huisarts.

De zorgverleners in de eerstelijnszorg kunnen het grootste gedeelte van de mensen met gezondheidsproblemen helpen. Het gaat zowel om de lichamelijke en psychische gezondheid, maar ook om het bevorderen en behouden van de levenskwaliteit voor mensen met een (chronische) ziekte of handicap. 
Als het nodig is, kan een zorgverlener uit de eerstelijnszorg doorverwijzen naar bijvoorbeeld het ziekenhuis (tweedelijnszorg).

De werktijden verschillen per instantie en per functie. Er zijn functies met vaste werktijden overdag, eventueel aangevuld met oproepdiensten. Denk hierbij aan de huisarts en de verloskundige.

 

Geestelijke Gezondheidszorg

In de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) werk je met mensen die psychische problemen hebben. Denk bijvoorbeeld aan depressiviteit, eetstoornissen, overspannenheid, straatvrees,  ADHD, verslaving of schizofrenie.

Jaarlijks komt ongeveer één op de vier mensen in contact met een geestelijke gezondheidsorganisatie. In dit werkveld gaat het erom cliënten te behandelen of te begeleiden, zodat de klachten verdwijnen, afnemen of voorkomen worden.

Mensen ondersteunen bij het vinden van een weg in de samenleving
Als je mensen begeleidt in de geestelijke gezondheidszorg ondersteun je hen bij het vinden van een weg in de samenleving. Je kunt werken met kinderen, jongeren, volwassenen of ouderen. 

 

Gehandicaptenzorg

In de gehandicaptenzorg werk je met mensen die een zintuiglijke, lichamelijke en/of verstandelijke beperking hebben. Sommige mensen zijn zeer zelfstandig, anderen hebben veel zorg en begeleiding nodig. Het werk is er altijd op gericht om de mensen zoveel mogelijk hun eigen leven te laten leiden en in te richten naar eigen wensen en behoeften.

In de gehandicaptenzorg kun je werken met mensen van jong tot oud, die met alle dagelijkse bezigheden hulp nodig hebben: wonen, werk en dagbesteding, vrijetijdsbesteding, sociale activiteiten, gezondheid en veiligheid. Je helpt bijvoorbeeld bij het douchen, aankleden, eten en financiën maar leert mensen ook omgaan met een blindengeleidehond, een prothese of een rolstoel.

 

Jeugdzorg

In de jeugdzorg werk je met kinderen en jongvolwassenen in de leeftijd van 0 tot 23 jaar die problemen hebben. Daarnaast bied je ook de ouders/verzorgers van deze jongeren hulp. Vaak zijn voor de problemen niet één enkele maar meerdere oorzaken aan te wijzen. Te denken valt aan opvoedings- en opgroeiproblemen veroorzaakt doordat jongeren sociaal minder vaardig zijn, psychische problemen hebben of omdat mishandeling, misbruik of andere problemen binnen het gezin voorkomen.

Conflicten binnen het gezin, op school of met vrienden en vriendinnen, schooluitval, zichzelf afsluiten voor anderen of onhandelbaar zijn, kunnen de gevolgen hiervan zijn. Sommige jongeren zijn met enkele gesprekken al geholpen, bij anderen is meer ondersteuning en begeleiding nodig. In dat geval kan dagbehandeling of een veilige behandelplek voor de jongere nodig zijn. Ook zijn er gesloten (justitiële) jeugdinrichtingen.

Belangrijk is dat je samen met alle betrokkenen naar mogelijke oplossingen zoekt. In de jeugdzorg heb je veel contact met mensen uit de omgeving van de jongere. Denk aan gezinsleden, de school, de sportclub of andere hulpverleners (bijvoorbeeld medewerkers van een geestelijke gezondheidszorgorganisatie). 

 

Kinderopvang

Als beide ouders werken of wanneer een alleenstaande ouder werkt, moet er kinderopvang geregeld zijn. Wanneer kinderen niet door familie of andere bekenden worden opgevangen, komt de professionele kinderopvang in beeld. Hieronder vallen kinderdagverblijven, gastouderbureaus en buitenschoolse opvang.

Afhankelijk van de werkplek zorg je in de kinderopvang voor kinderen van zes weken tot en met twaalf jaar. Het gaat in de kinderopvang om meer dan alleen oppassen: als ouders aan het werk zijn verzorg je de kinderen en draag je bij aan hun opvoeding en ontwikkeling,. Dit betekent dus eten, drinken en een schone luier geven, maar ook activiteiten verzinnen die passen bij de leeftijd en de ontwikkeling van het kind. Denk aan knutselen, spelletjes doen of liedjes zingen. Kinderen leren samen spelen en samen delen, maar ook dat ze voor zichzelf op mogen komen.

 

Verpleeg- Verzorging en Thuiszorg

In een verzorgingshuis wonen mensen die niet meer zelfstandig kunnen wonen. Zij krijgen onder meer huishoudelijke hulp, maaltijden en persoonlijke zorg. Hun zorgbehoefte is niet meer op te vangen met thuiszorg. Maar deze is ook weer niet zo groot, dat ze naar een verpleeghuis moeten. In een verpleeghuis wonen mensen die langdurige en intensieve zorg nodig hebben. Dit vanwege ernstige lichamelijke of geestelijke klachten. De meeste cliënten krijgen daarnaast ook aanvullende zorg van bijvoorbeeld een diëtist, fysio- of ergotherapeut.

Het gaat veelal om ouderen, maar soms ontvangen verpleeg- en verzorgingshuizen ook jongere mensen. Zij revalideren er bijvoorbeeld na een ongeluk of een ernstige ziekte. Sommige cliënten gaan na een tijdje weer naar huis of naar een verzorgingshuis. Anderen blijven er de rest van hun leven wonen. Een werkplek waar je een intensieve band kunt opbouwen met cliënten  en hen goed leert kennen.

Naast de huishoudelijke en persoonlijke zorg helpt een verzorgingshuis ook bij het leggen van contacten met andere bewoners, zodat mensen niet in een sociaal isolement raken. Onder andere om deze reden bieden steeds meer verzorgingshuizen ook een restaurantfunctie, een zorgboerderij en internetfaciliteiten aan en staan de deuren open voor bezoekers aan activiteiten vanuit de wijk.

De bewoners bepalen zelf in overleg met het huis welke zorg ze nodig hebben. Uitgangspunt is, dat zij alles wat ze nog zelf kunnen, ook zelf doen of met begeleiding zelf doen.

Mensen kunnen om allerlei redenen behoefte hebben aan thuiszorg. Meestal gaat het om ouderen, maar de thuiszorg helpt ook mensen die herstellen van een ongeluk, gezinnen met een gehandicapt kind of een gezin waar net een baby geboren is. Het gaat in alle gevallen om mensen die verpleegd moeten worden of hulp nodig hebben met het huishouden en/of de lichamelijke verzorging.

In de thuiszorg kom je dus verschillende zorgvragen tegen. Als je bij mensen thuis werkt, vraagt dit best wat verantwoordelijkheid. Dat betekent dus een uitdagende baan, waarin je vaak zelfstandig werkt en beslissingen neemt. Natuurlijk heb je in dit werk collega’s bij wie je altijd terecht kunt met je vragen.

De thuiszorg biedt ook andere diensten aan, zoals de  thuiszorgwinkel. Als je daar werkt zorg je voor het uitlenen van hulpmiddelen en geef je ook voorlichting over voeding en diëten. Daarnaast kun je ook cursussen geven op het gebied van gezondheid en welzijn.

 

Welzijn

Werken in de welzijnssector heeft als doel mensen met problemen op te vangen en verder te helpen. Het is een breed werkveld waarin je kunt werken met kinderen en jongeren, ouderen, maar ook met vluchtelingen, verslaafden en daklozen. Je kunt welzijnswerk opdelen in maatschappelijk werk en sociaal cultureel werk.

In het maatschappelijk werk krijg je te maken met mensen met uiteenlopende problemen. Dit kan variëren van eenzaamheid, angst en mishandeling tot schulden en werkeloosheid. Je lost de problemen niet op, maar helpt de mensen om zelf hun leven weer op de rails te krijgen. Hierna kunnen ze vaak zelfstandig weer verder.

Sommige mensen hebben moeite om hun vrije tijd leuk en zinvol te besteden. In het sociaal cultureel werk probeer je mensen daarmee te helpen zodat ze niet vereenzamen, buiten de samenleving komen te staan of overlast gaan veroorzaken. Je werkt met mensen van alle leeftijden. Belangrijke taken zijn het organiseren van activiteiten en het gezamenlijk opzetten van buurthuizen en jongerencentra. Je werkt vaak in een wijk of stadsdeel. Het is belangrijk dat je een goede relatie opbouwt met de buurtbewoners. Zo kan je ze motiveren om deel te nemen aan de activiteiten die je voor en met hen organiseert.

 

Ziekenhuizen

De bekendste werkomgeving in de sector zorg en welzijn is waarschijnlijk het ziekenhuis. Het is ook een omgeving met de meeste uiteenlopen afdelingen en specialismen; van spoedeisende hulp tot laboratorium, van polikliniek tot kinderafdeling en van oogheelkunde tot intensive care.

Als je onderdeel uitmaakt van de zorgverlening in een ziekenhuis krijg je te maken met mensen van alle leeftijden, die specialistische zorg nodig hebben. De meeste patiënten blijven ongeveer vijf à zes dagen in het ziekenhuis. Je ziet dus veel patiënten komen en gaan. Een ziekenhuisopname is voor hen vaak een emotionele ervaring. Daardoor hebben de medewerkers, in de korte tijd dat ze voor een patiënt zorgen, vaak intensief contact.